‘Ik ga geen binnenlandse vluchten nemen, want dan moet ik m’n zonnebrand weer inleveren als ik alleen maar handbagage heb.’ Dit zei ik voor ik in Thailand aankwam, voordat ik wist waar ik heen wilde en voordat ik Sidney ontmoette. Drie dagen later gooi ik bij de douane de 150ml – zonder whitening – met pijn in m’n hart achter me in de prullenbak en sluit me aan bij de wachtenden voor onze vlucht naar Phuket. De Amerikaanse Sidney heeft haar baan opgezegd en 5 maanden uitgetrokken voor een grote reis. Ze heeft dus alle tijd van de wereld en dat roept nostalgische gevoelens bij mij op. Ergens zal dat gevoel van onophoudelijke vrijheid altijd wel blijven kriebelen, maar tegelijkertijd besef ik me – gelukkig – dat ik mijn leventje thuis ook heel erg waardeer: m’n huis, m’n auto, m’n baan. Dat had ik vorig jaar tijdens mijn grote reis natuurlijk niet, dus het was ook makkelijker afstand te nemen. Desalniettemin heb ik nu al het gevoel dat ik niet alles ga kunnen zien of meemaken, dus moet ik heel erg in het moment leven. En dat betekent ineens een vlucht nemen naar Phuket!

Op het schiereiland manoeuvreren we ons per minibusje (lees: benen in je nek en airco op standje vrieskist) naar Kata, waar de Nederlandse Ruud ons opwacht. Hem hebben we in Bangkok ontmoet en in Kata sluiten we vervolgens vriendschap met de Nederlandse (18-jarige!) Anne en de Australische Shawn die ons groepje compleet maken. Kata is even een mooi rustpunt tussen de gekte van Bangkok en hetgeen dat hierna volgt. We eten kreeft, zwemmen met zonsondergang in de superwarme zee, houden een sing-a-long terwijl Ruud gitaar speelt en bezoeken een kroegje waarin het bij nader inzien stikte van de ladyboys. Heel grappig vind ik dat nog steeds, vooral omdat de mannen er zo ongemakkelijk van worden. En soms zie je gewoon echt het verschil niet!


Na 2 dagen zegt Ruud ineens dat hij een hotel voor me heeft geboekt op Koh Phi Phi. Nu wilde ik daar sowieso heen gaan, maar hoe durft hij iets voor mij te boeken?! Als ik ergens jeuk van krijg, zijn het mensen die mijn vakantie bepalen – zeker als ik alleen reis. We hebben echt een heel leuk groepje, maar ik heb zo weinig tijd; wil ik die wel met alleen deze mensen doorbrengen? Na een dag mokken en hem duidelijk gemaakt te hebben dat hij dit niet nog eens moet doen, stem ik toch in met het plan. Ik besluit wel mijn volgende bestemming in m’n eentje vast te leggen en vertel de rest er nog even niks over. Terwijl ik mijn gedachten van me afschrijf op m’n notitieblokje, komt opnieuw het besef tot me dat iedereen weer anders is wat betreft reizen. Sommigen willen niet alleen zijn, ook al reizen ze solo. Ik bepaal graag zelf waar ik heenga of wat ik doe of wie ik volg, vind het niet erg om alleen te zijn, maar zorg er altijd voor dat het niet resulteert in eenzaamheid. Toegegeven heb ik ook genoeg tijd ‘on the road’ gehad om dit te ontdekken, terwijl anderen net beginnen met hun avontuur. Hoewel niemand jouw reis voor je mag bepalen, kan ik ook niet zo maar er vanuit gaan dat zij hetzelfde principe ondersteunen als ik en zal ik altijd een open mind moeten houden.
Maar goed, tegelijkertijd is het prettig om mensen wat langer om je heen te hebben en beter te leren kennen. Zo ook op Koh Phi Phi, een van de meest idyllische en iconische eilanden van Thailand. Sidney, Anne en ik hebben er heel veel zin in, terwijl de jongens zich een beetje ziekjes voelen (mannengriep?). Ook Anne haakt op een gegeven moment af, waardoor Sidney en ik samen op verkenningstour gaan. Dit gaat een stuk beter dan in Bangkok (met al die dieren) en we liggen een tijdje in de ondiepe wateren, waarbij de eb de boten op het strand heeft drooggelegd. Wat een prachtige plek! Het is gek te bedenken dat hier ook een enorm feest kan plaatsvinden en stiekem vind ik dat niet helemaal passend. Nog gekker is dat er een kroeg is met een boksring, waarbij iedereen zich kan opgeven om tot moes geslagen te worden door een net zo willekeurig geselecteerde tegenstander. Heel vreemd. Samen met ons groepje + gecharterde aanhang kijken we verward, maar gefascineerd toe. Daarna belanden we echter in de leukste bar die ik me maar kan bedenken: een bar met een coverband die alleen maar meezingers speelt waarbij de hele kroeg staat mee te schreeuwen. HEERLIJK. Hier krijg ik echt energie van. Dit is een stuk beter dan de club op het strand waar ik daarna per ongeluk terecht kom. Het is binnen duister en de muziek is oorverdovend en monotoon. Iedereen bevindt zich op een heel ander niveau en het personeel is ronduit onaardig. Als ik vraag om de wifi, verstaat de barman ‘white wine’, dus samen met wat Zweden die ik net heb ontmoet, nip ik aan mijn wijn en bekijk het spektakel waarbij men wordt aangemoedigd de limbo te doen met een brandende staaf. Wauw. En doei.




De vlag van het piratenschip wappert al in de wind, als wij met onze brakke, maar enthousiaste gezichten aan komen lopen. Gisteren hadden we deze boottocht geboekt om op een leuke manier toch iets meer van Phi Phi te zien. We ontmoeten ontzettend veel leuke mensen aan boord, waarbij het echtpaar van 55+ waarschijnlijk mijn favoriet is. De Canadese Carey en Joy zijn ongelofelijk fit, heel erg aardig en super gezellig. Hij is brandweerman, zij is verpleegster en ze vertellen dat ze elk jaar een reis van een paar weken proberen te maken waarbij ze niet terugdeinzen voor een feestje. Collectief besluiten we dat we later allemaal zoals Carey en Joy willen worden, want behalve dat ze gezellig meedoen met de 20/30jarigen op de boot, zijn ze ook nog eens helemaal gek op elkaar. Heel mooi om te zien. Onderweg stoppen we een aantal keer om te snorkelen, te kayakken en/of te SUP-en. Het water is schitterend mooi en we varen rond allemaal gigantische rotsen die vanaf de ruimte daar in het water lijken te zijn gegooid, als keitjes in een plas. Heel indrukwekkend. We stoppen ook nog bij een strand waar aapjes doen alsof ze verveeld wachten tot het volgende toeristenbootje aanmeert. Ze worden niet gevoerd, maar blijven daar toch rondhangen met hun hele families, tot ze weer een van de toeristen kunnen laten schrikken door zich ineens uit een boom op hun schouders te laten vallen.






Op de boot kijken we ook de zonsondergang, die elke dag mooier lijkt te zijn dan tevoren. Toch mooi dat iets dat elke dag gebeurt, nog steeds als bijzonder wordt ervaren. Het feit dat iedereen applaudisseert zodra de zon volledig is verdwenen, vind ik dan weer een beetje overdreven. Applaudisseer liever als ‘ie weer de kracht heeft gevonden de volgende dag weer op te komen. Naar bed gaan is toch altijd makkelijker dan opstaan. Daarna wordt een grote dosis Latijns Amerikaanse muziek gedraaid, waarop een grote groep Brazilianen en Argentijnen helemaal losgaat. Supergezellig! En wat kunnen zij makkelijk dansen zeg! Heel leuk om te zien en ik doe zo goed en kwaad als het kan mee, tot m’n heupen er klaar mee zijn van bak- naar stuurboord te worden geslingerd. Gelukkig komt er voor ons – barbaarse westerlingen – daarna nog een kwartiertje muziek van het kaliber N*Sync en Britney Spears, waardoor ook wij ons weer wat meer thuis voelen hier aan de andere kant van de wereld. Echt een topdag!


Die avond ga ik mee met Page, een meisje dat ik in Bangkok heb leren kennen en dat we hier spontaan tegenkwamen; fantastisch hoe dat soms werkt. Zij had nog een extra bed over in haar 4 sterren bungalow die over de schitterende baai uitkijkt. EN HET BUNGALOWPARK HEEFT EEN ZWEMBAD. Daar kan ik natuurlijk geen ‘nee’ tegen zeggen en ik breng de volgende ochtend – voor ik vertrek naar de volgende bestemming – zorgeloos en schaamteloos in het heerlijke zwembad door. Vakantie!

