Ecuador

Cotopaxi, Cavia, Capuli, Crêpe & Crazy

Hoppaaa, op naar Cotopaxi National Park! Na een rustig nachtje in de hoofdstad van Ecuador te hebben doorgebracht, nemen we om 10 uur ‘s ochtends de shuttle naar ons onderkomen voor de komende 2 nachten. Het is altijd een goed teken als je meer dan een halfuur over een onverharde weg moet rijden (hobbelen met hoofdstoot tegen het dak): dan kom je op de écht mooie plekken. En wauwww, daar is The Secret Garden hostel in Cotopaxi er zeker één van. Het is gelegen aan de voet van de Pasochoa vulkaan en kijkt uit op drie andere vulkanen, met de Cotopaxi als ultieme eindbaas. Het hostel heeft ervoor gezorgd dat alle kamers of verblijven te alle tijden uitzicht blijven houden op deze vergezichten: vanaf de eettafel, vanaf de wc, vanuit de douche en vanuit de jacuzzi (!). Jona zat eerder nog te twijfelen of hij de Cotopaxi wilde gaan beklimmen, maar ik had die twee al eens eerder met elkaar zien flirten toen Cotopaxi even haar gezicht liet zien toen we met de bus er langs reden. Ik ken Jona langer dan vandaag. En zodra we voet zetten in dit hostel en Steven, de tourgids/planner/manusvanalles, aangeeft wat er allemaal mogelijk is hier, zie ik Jona’s ogen glinsteren van blijdschap. Hij draait zich naar mij toe en zegt direct: ‘zullen we nog een nacht boeken?’ Ergens hoopte ik dat al, want hoewel ik zeker niet dezelfde piekdrift ervaar als hij, is er voor mij ook genoeg te doen hier! En het is zo ontzettend mooi en rustgevend, en een soort all inclusive zomerkamp: we hebben een gezellige slaapzaal, als de bel gaat gaan we met z’n allen aan tafel en wordt ons eten geserveerd (we hebben hier zelfs de Ecuadoraanse delicatesse geprobeerd: cavia!) , als je in de jacuzzi wilt, kun je die reserveren en, mijn favoriete deel, je kunt naar het veldje naast het hostel lopen om de lama’s (!) bananenschillen te voeren! En dit alles met uitzicht op moeder Cotopaxi. Wat een plek!

En dat is dan alleen nog maar de locatie zelf, waar we al snel een kleine familie vormen met de andere gelukzoekers. Elke dag is er van alles te ondernemen en de eerste middag gaan we op een waterval hike, waarbij we rubberlaarzen aan krijgen omdat we letterlijk door de rivier en de waterval hiken. Jona’s ene laars is helaas niet waterdicht, dus die geniet extra van de elementen. Verder gaat hij op een dag een wat technischere berg beklimmen met de Duitse Eduard en ga ik met m’n Poncho Posse (we hebben allemaal een poncho van het hostel gejat — uhh geleend) paardrijden in het nationale park. Jammer genoeg mogen we de poncho niet meenemen naar het paardrijden, maar je kunt er daar één huren voor 3 dollar. Jona is er niet om commentaar te leveren op de 3 dollar, dus 100% dat ik die poncho wil! Mijn paard is een chocoladebruin exemplaar en luistert (waarschijnlijk niet) naar de naam Capuli. Het is echt een prachtige dag en supermooi om hier te rijden! Cotopaxi speelt verstoppertje achter een wolk, maar komt af en toe even gedag zeggen. Ik leer dat Capuli erg enthousiast is, niet ervan houdt door beekjes te lopen (maar er liever overheen springt…) en dat hij óf alleen wil lopen óf met z’n neus in de kont van degene voor me. Niks ertussen in. Wat jij wilt joh. Op een langer stuk mooie heide beginnen de paarden enthousiast aan een galop, waar de meeste van ons ruiters absoluut niet op voorbereid was. Ik heb in het verleden alleen maar op luie paarden gezeten die het hele eind in een hardnekkige draf bleven hangen, dus zodra Capuli de galop inzet, schiet ik direct met m’n voet uit m’n beugel. AAAAAAAH! HELP! Capuli en ik herpakken ons en proberen het nog een keer of vijf, maar elke keer trek ik toch maar aan de teugels. Dat paard zal wel denken: wat zit er vandaag weer voor saaie doos op me… Maar ja, ik wil vooral gewoon niet dood, dus je hebt even pech, vriend. Maar wat een vette dag! Zo gezellig met de groep en gegarandeerde spierpijn voor de rest van de week! Heerlijk!

The Alpacellas!

Jona had het ook naar z’n zin gehad op zijn berg en hoewel het uitzicht was verdwenen in een wolk, begint hij zich officieel klaar te stomen voor de Cotopaxi summit. In ons kamphuis wordt er volop gesproken over de summit en over de moeilijkheid ervan. Elke dag komt er weer een groepje terug van een nacht hiken: de één teleurgesteld omdat ze niet verder mochten vanwege het weer, de ander is al op 4800 meter aan het kotsen geslagen vanwege hoogteziekte. Maar als je het dan wel haalt, word je ontvangen als een held. Het is echt een prestatie en die wordt niet onderschat in The Secret Garden. Aanvankelijk dacht ik ook nog: ‘oh leuk om misschien te doen’, maar zodra ik hier kwam, wist ik meteen dat ik het echt vreselijk zou gaan vinden. Te hoog, te koud, te middenin de nacht. Nope! Helemaal prima als jij deze zelf gaat doen, Jona! Ik vermaak me wel. En zo besluit Team WeJo zich even op te splitsen.

Terwijl Jona zo goed en kwaad als het kan op hoogte probeert te blijven in Latacunga, ga ik met wat andere meiden richting Baños. We hebben in de ochtend nog even de Pasochoa (4200m) beklommen en dat ging me erg goed af, al zeg ik het zelf! Anderen hadden het duidelijk zwaarder en ik prees mezelf om mijn acclimatisatie skills. Geen stervende zwaan meer! Hoera! En dat was dan ook gelijk mijn laatste berg van Ecuador (vermoedelijk). Op naar de laagtes (2000m) van Baños. Hoewel de afstanden niet bijster lang zijn, zijn de busreizen toch steeds wel weer een ding. Met de shuttle worden we afgezet in Latacunga, waar ons verteld is dat we een directe bus kunnen pakken naar Baños. Die directe bus blijkt toch een overstap te hebben in Ambato en vandaar stappen we in een overvolle bus waarbij we nog net aan een plekje helemaal achterin kunnen bemachtigen. Achterin zitten betekent hobbelen en ik ben erg blij dat ik inmiddels in het bezit van reistabletten ben. Schuin voor me bewijst een meisje van een jaar of vijf dat ik daar inderdaad goed aan heb gedaan, door over te geven in haar mondkapje. Top!

Een beetje gammel en viezig loop ik om een uur of half 9 ‘s avonds het hostel in dat ik heb geboekt. Er wordt harde, irritante muziek gedraaid, het mannetje bij de check-in is niet in de stemming om iemand in te checken en de kamer waar hij me naartoe brengt, wordt duidelijk al een tijdje bewoond door mijn twee kamergenoten. Ik mag bovenin het stapelbed en zodra ik mijn voet op de trede zet, kraakt en wiebelt het zo dat ik mijn andere voet tegen de muur moet zetten om het bed overeind te houden. Zodra ik eenmaal in mijn kraaiennest zit, zie ik dat de muur van de ensuite badkamer niet hoger komt dan de deurpost en ik kan precies naar de douche gluren. Ondertussen houden mijn buren een wie-boert-het-hardst wedstrijd en ik weet niet of het komt doordat ik moe ben, honger heb of omdat ik 30 ben, maar ik vind het hier niet leuk. Wel tref ik Patricia aan die ik een paar dagen geleden in Cotopaxi had ontmoet en ik deel mijn misère met haar en haar vriendin Melissa. Zij zeggen wel een prima kamer te hebben en boeken zelfs nog een nacht bij. Je kunt niet altijd 6 gooien hè. De volgende dag word ik vroeg en nog chagrijniger wakker en ik check uit ondanks het feit dat ik nog 2 nachten hier heb. Joe joe, ik ga lekker ergens anders heen. Ik weet niet waarom precies, maar ook Patricia en Melissa besluiten met me mee te gaan en gedrieën struinen we even later door Baños. Anderen hadden het gehad over Erupcion hostel en ik besluit daar een gok te wagen. We worden, ondanks het vroege uur, hartelijk verwelkomd door Enrique die ons direct naar een heerlijke kamer brengt, handdoeken geeft en uitgebreid vertelt over alle activiteiten die we kunnen ondernemen hier. Meteen zoveel beter en relaxter: gelijk weer zin in de dag! Weet je, misschien ben ik wel verwend door Secret Garden, maar ik wil gewoon lekker kunnen slapen in een bed dat niet elk moment kan omvallen.

En nu Baños! Zoveel te doen! Met een hele groep meiden gaan we de eerste avond naar de hot springs en de dag erna ga ik voor het eerst raften! Supervet!!! Bij de uitleg van gids Dario zien we allemaal erg bleek en schijt ik persoonlijk zeven kleuren. De rapids zijn namelijk van level 4 en dat schijnt nogal heftig te zijn. Forward, backward, stop, inside… waarom doe ik dit ook alweer? Maar zodra de boot in het water ligt is het gewoon de dood of de gladiolen. Gas en gala. Ik denk dat we alle zes dusdanig graag niet willen sterven, dat we peddelen voor ons leven. En dat werpt z’n vruchten af! Wat is het gaaf! Zoveel adrenaline! Ik heb geen moment gehoopt dat het al voorbij zou zijn! En we zijn niet omgeslagen! HOERA!

In de tussentijd heeft Jona de summit van Cotopaxi gehaald (trots!) en sluit hij zich bij me aan in Baños met de mededeling dat hij ook Chimborazo gaat beklimmen volgende week. Dat moet hij zeker lekker doen! Nogmaals: ik vermaak me wel, maar ik vind het ook wel erg gezellig dat hij af en toe een paar dagen bij me langskomt. Dus gaan we lekker crêpes eten, een dagje mountainbiken naar de mega waterval hier in de buurt en chillen op de Erupcion rooftop in het zonnetje. Cocktails! Met twee Canadese meiden ga ik ook nog een dagje rotsklimmen (zonder Jona zelfs!) en een andere dag op jungle-tour. We gaan tenslotte niet diep de Amazone in op onze reis (want beesten en heet en geen zin) maar een dag is toch wel leuk. Onze gids heeft duidelijk geen zin in de tour en nog minder zin om Engels te praten. Wij zijn de enigen van het gezelschap die niet Spaanstalig zijn en wanneer hij iets uitlegt, praat hij zo’n 30 uur Spaans en krijgen wij een halve vertaling in 2 minuten. Verder flirt hij er flink op los met een Italiaanse die zijn chagrijnige bakkes nog leuk lijkt te vinden ook. Maar hey, de 6 Chilenen die mee zijn schatten mij in als 23 jarige, dus ik heb een prima dag! We bezoeken een uitzichtpunt over de rivier, een inheemse familie waarbij we absoluut niet Coronaproef sterke alcohol en kokosprut moeten drinken uit een gezamenlijk kommetje, we gaan met een kano over de Amazone rivier en maken een hike naar de waterval waar je kunt zwemmen. In alle hectiek (cocktail pitchers gisteren) ben ik totaal vergeten om m’n bikini aan te doen, dus geen zwemmen voor mij. Op zich niet erg, want er liggen al zoveel bleke toeristen in hun onderbroek in het kleine meertje, dat ik er nauwelijks bij had gepast. Daarna bezoeken we nog een chocoladefabriek, waarbij we hetzelfde verhaal krijgen als in Mindo, dus wij wachten geduldig op de proeverij. In plaats van chocola krijgen we echter een soort aardappelpannenkoek en chocolademelk en daarna mogen we weer terug in de bus naar Baños. Oké! Niet de beste tour maar al met al wel heel veel gedaan in één dag. En de bevestiging voor mij dat 1 dag in de jungle meer dan genoeg is. Geen beest gezien overigens.

Jona op de Cotopaxi (5894m)
Jungle tour
Lekker geschminkt worden en dansen bij de inheemse familie

En nu lekker in afwachting tot Jona de hoogste berg van Ecuador heeft beklommen! Dat gaat hij toch mooi maar weer doen! Crazy!

3 gedachten over “Cotopaxi, Cavia, Capuli, Crêpe & Crazy

  1. Wow wat gaaaaaaaf allemaal en wat ondernemen jullie veel! Echt super om alleen al te lezen! Geniet en blijf maar mooie herinneringen maken. Dikke knuf van ons en stay safe X

    Like

Plaats een reactie