Bolivia·Peru

Walgelijk, Welkom, Wedstrijd, Waanzinnig & Wind

Na een heerlijk vermoeiende hike met als eindpunt een wereldwonder, hebben we welgeteld één dag om bij te komen in Cusco. Wel moeten we al om 9 uur uitchecken bij ons hotel (WHY?), dus de rest van de dag zwerven we door de straten van deze leuke stad. Koffietje hier, broodje daar, even de was doen, een massage voor 20 PEN (5 euro), waar zelfs Jona geen ‘nee’ tegen kan zeggen en een pakketje maken voor de post. We hebben een selectie gemaakt van spullen die we niet of nauwelijks gebruiken + wat nieuw gekochte items die wel naar Nederland gestuurd mogen worden. Helaas verkijken we ons even op de dagen en komen we te laat bij het postkantoor aan; op zaterdag sluit deze om 18.00 uur. Dan maar over twee weken, als we terugzijn uit Bolivia. Met het gros van onze ‘sexy lama familie’ gaan we nog even eten bij mijn, inmiddels favoriete Thaise restaurant, voor we de nachtbus naar Puno nemen. Prima productieve en gezellige dag zo!

Maar dan slaat het noodlot toe. Ik voel me al een beetje raar als we ons klaarmaken voor de bus, maar ga er vanuit dat het overgaat als we eenmaal zitten. Spoiler: nee. In de 8 uur durende busrit, mag ik maar liefst 6 keer een plastic zakje volkotsen. Gatver. Ik kan dat toch niemand aanraden, zo in een nachtbus. Geen idee ook wat deze misère heeft veroorzaakt, want Jona heeft hetzelfde gegeten en die voelt zich prima. Omdat het toilet in de bus net te ver lopen is voor dit brakke aftreksel van een persoon, houd ik de zak met kots maar op schoot, wat het nóg een tandje walgelijker maakt dan het allemaal al was.

Aangekomen op het station van Puno ben ik zowel opgelucht als teleurgesteld. Ik ben blij dat we er zijn, maar ik ben niet blij dat het pas 5 uur ‘s ochtends is, terwijl de busmaatschappij had aangegeven dat we er om 6 uur zouden zijn. Aanvankelijk zouden we gelijk voor onze PCR-test gaan en dezelfde dag nog proberen de grens naar Bolivia over te steken. In deze staat van halfmens zijnde, vind ik het echter een beter plan om een nachtje in Puno te blijven voor we ons aan het oversteken van een grens gaan wagen. Jona snapt dat gelukkig direct en regelt een hotel via een mevrouwtje op het station die ons een tour probeert aan te smeren. We mogen er zelfs al om half 6 inchecken, dus dat is fijn.

Die dag voel ik me langzaam maar zeker beter worden en we besluiten samen met Emer en Shannyn (Ierse meiden van Salkantay) morgen naar Bolivia te gaan. Van Puno heb ik volgens Jona niks gemist, want het is een onbeduidend dorp met weinig sfeer. Mooi. Laten we dan maar verderop gaan. Maar eerst nog kijken voor de PCR test. Er zijn verschillende opties: de één is duur en bij de andere moet je drie dagen wachten op de uitslag. Het hostel van de Ierse meiden biedt echter een derde optie: voor 60 PEN (15 euro) regelen zij een negatieve PCR voor je via het ziekenhuis. Hmmm… Niet helemaal netjes natuurlijk, maar gedurende onze reis horen we van alle kanten dat er gesjoemeld wordt met testen en/of dat ze er bij de grens niet eens naar vragen. Meerdere mensen hebben de PCR van het ziekenhuis gekocht en succesvol gebruikt op weg naar Bolivia, dus gaan wij dat ook maar proberen. Extra spanning voor de grensovergang: top!

Bolivia vraagt niet alleen om een negatieve PCR, maar ook om de uitgeprinte versie van je hele hebben en houden: vaccinatiebewijzen, kopie van je paspoort, gezondheidsformulier, verklaring van je zorgverzekering en een bewijs van verblijf in Bolivia. Het hostel van de Ieren helpt ons met de hele papierhandel en om 11.30 uur gaan we eindelijk op pad. Bijna gaat het hele plan niet door omdat er stakingen zouden zijn in het openbaar vervoer van Peru, maar daar lijkt hier geen sprake van. Paniek alom voor niks, uiteraard. Met een collectivo gaan we dus zonder problemen naar het uiterst gezellige grensplaatje Desaguadero. Absoluut geen aanrader. Oh, en Jona maakt onderweg kenbaar dat hij zich niet helemaal goed voelt. Oh nee hè…

Maar, eerst is het tijd voor de bureaucratische molen van Bolivia. De exit-stempel van Peru hebben we zo binnen (want als je weggaat, is het nooit een probleem), maar na de brug over te zijn gestoken naar Bolivia, worden we eerst met z’n 5en een politiebureau ingeleid. Acht gewichtige, bewapende en boos uitziende Bolivianen gebieden ons onze tassen overhoop te halen. Blijkbaar ziet met name Jona er erg gevaarlijk uit, want ze zijn bij hem op zoek naar wapens. Ik zie aan Jona’s gezicht dat hij in de overlevingsmodus verkeert en vooral niet probeert te kotsen op de schoenen van de agent. Zelf mag ik al mijn geld aan de mannen laten zien, zodat ze kunnen checken dat ik geen vervalste biljetten bij me heb. Tijdens hun controle vinden ze het ook nodig 20 US dollar van me jatten. Ik zie het briefje misschien niet direct in hun zakken verdwijnen, maar ik ben er vrij zeker van dat ik minder geld terugkrijg dan dat ik had. Niet dat ik daar iets van durf te zeggen natuurlijk. Ik kijk wel uit.

Daarna mogen we door naar de volgende ronde: een chagrijnig uitziende man die al onze papieren gaat controleren. Slik. Bij één van de Ieren kijkt hij heel nadrukkelijk naar de PCR en we zien hem op zijn telefoon de gezondheidsinstelling opzoeken waar we deze test zogenaamd hebben laten afnemen. Oh oh. Maar na heel lang te zwijgen, te zuchten en te lezen, lijkt hij te besluiten dat hij er helemaal geen zin in heeft en hij laat ons, zonder naar de rest van ons om te kijken, allemaal doorlopen naar de stempelbalies. Bij de balie kijkt opnieuw niemand naar de papieren, maar mogen we wel het hele boekwerk inleveren. Deze belandt vervolgens op een grote stapel papieren van andere mensen die netjes alles hadden uitgeprint voor deze nietszeggende romslomp. Stempel. Boem. Welkom in Bolivia.

Echt welkom voelen we ons zeker niet. Behalve de intimidatie van de politie en de chagrijnigheid van de ambtenaren, is het natuurlijk ook nog eens grimmig en grauw in Desaguadero. Om de één of andere reden weerspiegelt de sfeer zich ook altijd in de weersomstandigheden. Maar goed, een uur later hebben we een collectivo te pakken die ons naar La Paz zal brengen. Het is inmiddels gedaan met de overlevingsstrategie van Jona en na een halfuur moet ik de chauffeur vragen om het busje te stoppen, zodat we een zakje met inhoud kunnen dumpen. Jona is lijkbleek en zit de hele weg te rillen. De chauffeur is gelukkig meteen de eerste aardige Boliviaan die we ontmoeten en probeert zo goed en kwaad als het kan rekening te houden met Jona’s ellende. Ik ben blij dat de Ierse meiden er ook nog bij zijn, want we komen uiteindelijk pas in het donker aan in de nog onbekende Zuid-Amerikaanse hoofdstad. Niet mijn favoriete bezigheid. Na een taxirit en de langzaamste check-in ooit bij een hostel, mag Jona in bed gaan liggen en ga ik met de Ieren bij de hostelbar een biertje drinken om te vieren dat we er zijn. Behalve dat ik nog even geen bier drink, want oh ja, twee dagen geleden was ik ook nog ziek.

Jona verschuilt zich op onze eerste dag in La Paz in bed, dus ik ga met Emer en Shannyn op pad. Het duurt even voor we La Paz een beetje door hebben. Er zijn niet echt supermarkten te vinden, maar iedereen op straat verkoopt wel iets. Sprokkelen dus. In de middag gaan we mee op de semi-gratis wandeltocht, die begint bij de gevangenis. Gezellig! De gids vertelt dat de politie alleen buiten de gevangenis bewaakt, maar dat binnen een heel politiek systeem is opgezet en de gevangenen zelf stemmen wie hun president is en wie wat betaalt voor welk onderkomen. Ook van buitenaf kun je blijkbaar een kamer huren in de gevangenis, wat soms zelfs goedkoper is dan in de stad zelf. Zo wonen er hele gezinnen in de gevangenis en is de basisschool vlakbij. BIZAR. Verder leren we over de klederdracht, de manieren waarop mannen de vrouwen versieren (door stenen om haar heen te gooien), dat je geen foto’s moet maken van de vrouwtjes bij de marktkramen omdat je dan mogelijk een vis naar je hoofd geslingerd krijgt (dat was blijkbaar een keer gebeurd op deze tour whahaha), hoe feutussen van baby lama’s worden geofferd op de heksenmarkt (yikes) en over de hedendaagse politieke situatie in Bolivia (nog niet optimaal, want de huidige regering gooit alle politieke tegenstanders in de gevangenis). Wel weer erg interessant allemaal en altijd een goede manier om een introductie te krijgen van een nieuw land.

‘s Avonds voelt Jona zich nog steeds een halfje, maar hij wil toch mee naar… de WK kwalificatiewedstrijd Bolivia – Brazilië! Voor 80 BOB (zo’n 11 euro) kunnen we dezelfde dag nog kaartjes scoren voor deze wedstrijd en dat is toch wel heel cool! Hoewel we allemaal geen fans zijn, kopen we een boodschappentas vol popcorn en gaan we toch gewoon lekker Bolivia aanmoedigen. Het stadion staat vol met politie en er wordt geen alcohol gedronken op de tribunes, wat wel opvallend is. Ook hangt er geen klok, dus we hebben de hele wedstrijd geen idee hoe lang ze nog moeten spelen. Niet lang genoeg blijkbaar, want ‘we’ verliezen met 0-4 tegen het sterke Brazilië. Bij elk tegendoelpunt wordt er om ons heen flink gescholden met ‘puta madre’ en op een gegeven moment is de scheidsrechter ook een ‘hijo de puta’, dus de sfeer zit er goed in. Jona zit naast me als een soort zombie, maar hij is toch blij dat hij mee is gegaan. Toch bijzonder om mee te maken!

Om ons La Paz avontuur compleet te maken, doen we ook nog een rondje in de gondola. Deze hypermoderne gondola is een paar jaar geleden gebouwd door de Zwitsers en Oostenrijkers (typisch) en voor een prikkie word je door heel La Paz geslingerd. Met alle steile hellingen en het druk toeterende verkeer, is het zeker een verademing er bovenuit te stijgen. Het is geen echte toeristische attractie, maar het zou het wel moeten zijn, want voor 1,50 euro ben je zo’n 2 uur zoet. En bij de overstappen kun je gewoon nog gefrituurde kip kopen, dus honger hoef je ook niet te hebben!

De dag erna weten we onze volgende tour te boeken: de 3-daagse Salar de Uyuni tour. Eigenlijk is de enorme zoutvlakte het enige dat ik kende van Bolivia voor we hierheen gingen, dus dit stond sowieso op onze lijst. Op donderdagavond nemen we afscheid van de Ieren en pakken we de nachtbus naar Uyuni. Het is warm en koud, en dan weer warm in de bus, dus als we om 5.30 uur aankomen in het stoffige woestijnplaatsje, zijn we zo brak als maar kan zijn. Ook moeten we nog wachten tot onze tour om 10.30 uur van start gaat en dat mogen we doen in het kantoor van onze agency. In een tl-verlichte ruimte staat een aantal smoezelige banken en er wordt speciaal voor ons voor verwarming gezorgd in de vorm van een gastank met een roostertje ervoor. Daar vertoeven we tot we gaan ontbijten in een hotel, waar de mensen die iets meer hebben betaald voor hun tour in de tussentijd hebben kunnen bijslapen en douchen…

We ontmoeten onze gids Abdias na het ontbijt samen met onze tourgenoten: een Zwitsers stel dat in Bolivia woont, een Duitse die in Bolivia woont en haar zusje die haar is op komen zoeken. Dat houdt in dat wij met het zusje als enigen niet vloeiend Spaans spreken. Abdias is ook niet van plan om ons tegemoet te komen hierin, dus dat wordt flink oefenen en goed luisteren de komende dagen. Het is wel een verademing om na alle busjes en collectivo’s in een echte auto te stappen. Op deze tour rijden we namelijk met een 4×4 Toyota door de Boliviaanse landschappen en we zitten voor de verandering heerlijk. We komen er direct achter dat Abdias één favoriet nummer heeft: Diamonds in the Sky – Rihanna, welke we zeker 10 keer per dag zullen horen in de auto. Ach, het kan vast erger. Om onbekende redenen is onze eerste stop een trein-kerkhof. Oude locomotieven staan hier in een rijtje weg te roesten en het geheel is een prachtig klimtoestel. Maar daar komen we niet per se voor natuurlijk. Op naar Salar de Uyuni, de zoutvlakten! Zodra we het wit oprijden, worden we verblind door de felheid van het zout. Het lijkt wel alsof we over het ijs rijden en er elk moment doorheen kunnen zakken. Heel erg bijzonder en een eindeloos gezicht! De grootste attractie hier is het maken van foto’s met optische illusie en daar vermaken we ons geruime tijd mee. Ik weet heel goed dat iedereen dezelfde foto’s heeft (want ik zie bij meerdere 4×4’s een dinosauriër uit de kofferbak steken), maar dat maakt niet uit. Het blijft heel erg leuk en indrukwekkend!

Zonnebril nummer 3 overigens. Ik sloop er ongeveer 1 per maand.

Voor het eerst is het in ons voordeel dat we in het regenseizoen reizen, want voor een groot deel van de Salar betekent dat dat er een laagje water op ligt, resulterend in een gigantische spiegel. De horizon is niet meer te onderscheiden en het reflecterende oppervlak gaat naadloos over in de heldere lucht. De wolken weerspiegelen in het water en creëren een waanzinnig mooi effect. Jona kan niet stoppen met foto’s maken, en de gids ook niet. Ook hier zijn weer allerlei kunstzinnige beelden van te maken en als modellen worden in diverse poses gezet. Op een gegeven moment zijn we er wel klaar mee, want we willen gewoon genieten van de omgeving. Bij het zien van de foto’s zijn we echter toch ontzettend onder de indruk. Wat je al niet kunt doen met deze spiegel. Als verrassing tovert Abdias vervolgens een fles wijn en wat nootjes tevoorschijn, waarna we gezamenlijk de zon zien ondergaan op één van de meest bijzondere manieren die ik ooit heb gezien. WAUW!

Spelen met de spiegel

Die nacht slapen we in Uyuni in een heerlijk hotel. Uyuni zelf is naar mijn mening een zeer onaantrekkelijk plaatsje met ontzettend veel zwerfhonden en afval overal, dus dit hotel had ik zeker niet verwacht. We krijgen zelfs een privékamer met een warme douche, en ik slaap als een baby. Dag 2 van de tour begint op een zeer schappelijke tijd: 8.30 uur. Daar kunnen we mee leven. Na de Salar vragen we ons oprecht af of we nog verrast kunnen worden vandaag. En het antwoord is: jazeker kunnen we dat. Bolivia kent zo’n bizarre variatie aan landschappen en bij elke stop is het weer genieten. Behalve bij de lekke band.

Overal langs de weg zien we lama’s en vicuñas en dat maakt mij toch zo blij. Wat een gezellige dieren. Ook zien we vandaag heel veel flamingo’s in de meren die we bezoeken. Er omheen prijken gigantische bergen en vulkanen met witte toppen of roodachtige tinten. Het land er naartoe is uitgestrekt en wijds. Bij het tweede meer word ik zelfs een beetje emotioneel, zo mooi is het. Dat, of het waait heel erg waardoor m’n ogen tranen. Na Laguna Colarado, een gekleurd meer met opnieuw heel veel flamingo’s, rijden we door naar de plek waar we zullen overnachten. Aangezien we al uren door de middle of nowhere rijden, verwacht ik er precies niks van. Hooguit een schuur of iets dergelijks. Goed, het is een veredelde schuur met een aantal kamers. Heel kaal, maar prima voor wat het is. We eten spaghetti in de eetkamer waar een heater staat en gaan op tijd naar bed, want morgen moeten we om 4.30 uur aantreden. Really?

Pannenkoeken voor ontbijt maakt het tijdstip misschien niet goed, maar het helpt wel. Jammie! Ook onze eerste stop is genoeg om het ochtendhumeur kwijt te raken: geisers! In de ochtendgloren aanschouwen we de enorme rookpluimen die uit het maanlandschap oprijzen. Het is ontzettend koud, maar dit is toch zo waanzinnig mooi weer. Het houdt niet op! Slechts een halfuur verderop bevindt zich de Salvador Dali woestijn, waar we opnieuw worden verrast door de vergezichten en de gekleurde bergen om ons heen. En nog even later zitten we ineens in een warmwaterbron met uitzicht op flamingo’s. En het is pas 9.00 uur!

Kouuuuuud
Ineens in de woestijn
Even opwarmen

Onze laatste stop op deze tocht is Laguna Negra, maar de grootste attractie hier zijn alle lama’s. ZOVEEL LAMA’S! ZOVEEL BLIJ! De rotspartijen hier zijn ook weer ongeëvenaard en we genieten in de zon van het uitzicht op zowel het landschap als de wollige viervoeters. Ik moet bekennen dat ik moe ben. We hebben zo ontzettend veel moois gezien, maar het is ook wel allemaal intens. De nachtbus, het vroege opstaan en de kou slaan een beetje op onze keel en we zijn ook al een paar dagen hoger dan 4000 meter. Op een gegeven moment hakt dat er wel in! Ook begint Abdias ons een beetje op de zenuwen te werken. Het is een aardige vent en hij rijdt netjes, maar Diamonds in the Sky komt nu echt wel onze neus uit. Ook is hij één grote scheetmachine, wat hij probeert te maskeren door af en toe het raam open te doen en een opmerking te maken over de harde wind. Ja vriend, je hoeft ons niks te vertellen over je harde wind. Pfoeeee. Maar goed, hij heeft ons wel echt op de meest schitterende plekken ooit gebracht.

Wat een avontuur! Na onze nachtbus terug naar La Paz zijn Jona en ik het er over eens dat we misschien even wat dagen rust moeten nemen. De hoogte, de kou, de gebroken nachten, maar ook alle indrukken hebben niet per se bijgedragen aan ons volledige herstel, dus wij gaan even een paar dagen relaxen voor we weer iets gaan ondernemen. Maar wauw wauw wauw! Wat was het gaaf!

Plaats een reactie