Canada

Beren, bidden & bunkeren

Waar ben je nou weer beland, Wen? Nou, dat zal ik je vertellen…

Op zondagochtend om 8.00 uur stap ik met 2 anderen bij Hermann in de auto, het begin van een zeer aangename carpoolrit van 5,5 uur van Quebec-ville naar Fredericton, New Brunswick. New Brunswick is een heel andere provincie die me in eerste instantie doet denken aan de Veluwe, maar wanneer we na een uur rijden nog steeds door bomen omringd worden, besef ik dat de Veluwe in feite gelijk staat aan iemands achtertuin hier. New Brunswick is even groot als Nederland, maar heeft maar 800.000 inwoners. En voor de rest veel bomen. Heul veul bomen. Maar wel heel mooi. 

Aangekomen in Fredericton moet ik nog ruim 4,5 uur tijd doden voor mijn bus naar Moncton gaat. Ik slenter door Kings Street en Queens Street en concludeer dat ik daarmee het grootste deel van de stad wel heb gezien. De kroeg die ik daarom maar induik, is gezellig en staat nog volledig in het teken van de Pride Parade van gisteren. Overal zitten mensen gezellig te kletsen met vrienden en familie en ik sla bij gebrek aan beiden mijn Franse Harry Potter boek open, onder het genot van een biertje. Ik heb nog maar twee zinnen kunnen vertalen als ik word aangesproken door een Canadese jongen die me uitnodigt met zijn Nieuw-Zeelandse collega-vriend een drankje te doen. Oké! Na 2 uur kletsen besef ik dat ik nog helemaal geen zin heb om mijn bus te pakken en ik stel mijn reis in mijn hoofd alvast uit tot morgen. Bij aankomst bij het busstation blijkt iemand mijn gedachten te hebben gelezen; mijn bus is gecancelled. Heuuuj, op avontuur! Na een gezellige avond slaap ik die nacht in een shady motel waar ik niet naar buiten kan omdat er coyotes (prairiewolven) rondlopen. Moet je ook eens meegemaakt hebben. 

De dag erna ga ik toch maar naar Moncton, waar ik word opgehaald door Yanice die me meeneemt naar Acadieville. Hoe bedoel je – wereld van verschil? Acadieville is een plaatsje in de middle of werkelijkwaar nowhere, waar niks nooit gebeurt en waar ik me de komende drie weken zal bevinden. Ik verblijf bij Richard en Vivianne die samen verantwoordelijk zijn voor Little Big Bear Safari, een dagelijkse tour naar een plek in het bos waar je zwarte beren in hun natuurlijke habitat kunt observeren en fotograferen. De komende weken ga ik ze daarbij een beetje helpen aan de hand van het begroeten van de toeristen (10-40 mensen per dag) in zowel Engels als Frans en hoop hiermee mijn Frans drastisch op te schroeven. 

Hoewel ik dus nog maar kort aan het reizen ben, moet ik in eerste instantie enorm wennen aan het verblijven in andermans huis en het aanpassen aan hun schema. Dit is natuurlijk zo in elke situatie, maar dit gezin is wel heel bijzonder. Naast het feit dat ze in een minuscuul plaatsje midden in een bos wonen en een deel van het gezin bipolair is, is iedereen, vader, moeder en de twee volwassen kinderen Yanice en Philip, jehova-getuige. Bij aankomst wordt het me direct duidelijk dat ze mij dit niet zullen opdringen, maar de 5 Bijbels en het boekje Jéhovah op mijn nachtkastje doen wel vermoeden dat ze mijn eventuele, spontane interesse in hun geloof, niet zullen ontmoedigen. Serieus, waar ben ik beland? 

Dit is wat er de eerste dag door m’n hoofd gaat, tezamen met de vraag ‘hoe kom ik hier zo snel mogelijk weer weg’. Maar ik heb mezelf voorgenomen hier een tijdje te blijven en ik heb nog zeeën van tijd om me in smoezelige hostels te bevinden of om op iemands bank te slapen: gewoon even doorzetten, Wen. Dus laat ik me meeslepen in de wereld waar iedereen op crogs loopt, waar Celine Dion de enige muziek is die gedraaid wordt, waar iedereen heel hard lacht om reclames die niet grappig zijn, waar het handvat in de auto bij elke trap op het gaspedaal angstvallig wordt vastgegrepen, waar een tripje naar de plaatselijke Karwei een soort wereldreis lijkt die zorgvuldig voorbereid dient te worden, waar alle grapjes uitgelegd moeten worden en waar het geitenwollen sokken-gehalte simpelweg aan de hoge kant is. Wanneer ik de afwas doe, probeer ik het contrast extra te vergroten door op m’n iPod naar de smerigste Hiphop en R&B te luisteren (met dank aan Joke). De crogs die langsstappen worden dan heerlijk geaccentueerd door de stem van een donkergetinte man die vieze woorden en verwensingen in mijn oor roept. 

Daar staat tegenover dat ik het elke avond van 17.30 tot 20.00 uur ontzettend naar m’n zin heb met alle toeristen en vervolgens bij de beren!!! Samen met Richard stappen we in een busje en rijden naar de open plek in het bos. Hier staat een soort boomhut met een observatiedek waar de toeristen op veilige afstand de beren kunnen observeren, terwijl Richard eten voor ze verspreid, hetgeen hij de afgelopen 24 jaar heeft gedaan. En daar komen ze weer hoor, m’n wollige, zwartharige (dodelijke) vrienden. Hoe vaak ik de beren ook zie, ik blijf het geweldig vinden. De ene avond zijn er 6, de andere avond 15. Je weet het nooit. En dan zie je de gezichten van de toeristen, die er precies zo verrukt uitzien als het mijne toen ik voor het eerst meeging. Wat is dit gaaf zeg. Op deze momenten vind ik het dan ook het lastigst dat ik dit niet met iemand die me dierbaar is kan delen.  





Ik ben nu een week in Acadieville en heb m’n draai redelijk gevonden. Ik voel me geen vreemde meer in het huis en durf m’n eigen gang te gaan. De mensen zijn misschien wat wereldvreemd, maar ze zijn zó vriendelijk, zo lief. Ze koken elke middag en avond heel uitgebreid (mesten me helemaal vet) en niets is te veel. Het is zeer moeilijk je hier ongewenst te voelen. Mijn vooroordelen heb ik dan ook grotendeels bijgesteld en nu vind ik het eigenlijk alleen nog maar mooi om te zien hoeveel we van elkaar verschillen, ondanks dat we beiden in een Westerse cultuur leven. 

Heeeeeel anders dan de afgelopen twee weken, maar niet minder bijzonder. Het enige dat me nu nog tegenstaat, is het feit dat hier zo weinig te doen is in de omgeving. Ik verlang alweer naar avontuur en ik vrees dat ik dat, buiten de dagelijkse drama (lees: gevechten en intriges) in de berenwereld, hier niet zal vinden. Maar goed, zoals ik al zei: tijd zat. Rustaaaag aan. 

Doeeeei!

Een gedachte over “Beren, bidden & bunkeren

Geef een reactie op Marian Reactie annuleren