Verenigde Staten

Empire, eten, eekhoorns & energie

Zodra de bus via de Bronx en Harlem Manhattan inrijdt, ben ik nerveus. Wat een hoop mensen ineens, manmanman. Daar kom ik hoor, redelijk vers van het Canadese platteland, de grote boze stad in. Overal waar je kijkt zijn mensen en in eerste instantie benauwt het me een beetje. Maar goed, het is gewoon weer een nieuwe plek om te ontdekken en op het moment dat ik uitstap op 7th avenue and 27th street, heb ik m’n avonturenbril weer op. Let’s go. Ik breng mijn eerste uur in de stad door in de Starbucks, wachtend tot mijn host Stephanie klaar is met werken. Lexy, het Amerikaanse meisje met wie ik kunst heb gemaakt in Nova Scotia, heeft me aan haar gekoppeld en ik mag haar meteen. Steph is ontzettend aardig, open minded, heel relaxed en ze heeft een bizarre LOFT waar ik mag logeren! Na mijn eerste ervaring met de L-train richting Brooklyn, arriveren we bij de loft en het is alles wat ik ooit mocht hopen en meer. Ze woont daar met 5 kunstzinnige huisgenoten en er hangt dan ook kunst door de hele loft. Het mooiste gedeelte is zonder twijfel het dak! De rooftop is ONGELOFELIJK. Je kunt heel New York in 360 graden zien en in het donker licht de stad betoverend op. Geen idee waar ik dit aan te danken heb gehad, maar wat ben ik toch weer op een spectaculaire plek beland zo. Dat flikt ze toch maar weer even.


Mijn slaapplek is er ook weer 1 voor in de boeken: de komende 7 nachten slaap ik in een hangmat in de loft. Dat vind ik een heel leuk idee, maar in de praktijk blijkt het een stuk lastiger te zijn. De eerste nacht heb ik geen idee hoe ik in de hangmat moet liggen (hangen?) en ik val er drie keer bijna uit (niet erg bevorderlijk voor de nachtrust, kan ik je vertellen). De twee nachten erna lijkt het ineens winter te zijn geworden in de loft en vriest m’n neus er bijna af. En in het weekend verzint een kersverse loftbewoner het om om 8.00 uur te beginnen met klussen, vlak naast mijn hangmat. Maar ja, ik lig hier wel gewoon mooi gratis te slapen zo in New York. Bam. 


Ik ben deze week precies 2 maanden aan het reizen en omdat ik toch wel redelijk non-stop ben doorgekoeierd, ben ik nu slaperiger dan ooit, en dat in de meest drukke stad van de wereld. De ironie is me zeker niet ontgaan. Daardoor breng ik elke ochtend steevast door in m’n hangmat, Netflix en chillend. Ik heb het gewoon even nodig; wat een vreselijk hard reizigersbestaan leid ik toch. *Neuriet ‘Zwaar leven’ van Brigitte Kaandorp*. Ondanks mijn kluizenaarsverlangen ga ik er natuurlijk wel gewoon weer op uit. Ik ga mee met een grafittitour door Bushwick, ga naar een poppentheater (wat een stuk minder creepy is dan het klinkt), raak m’n stem kwijt door al het lachen om de woordgrappenwedstrijd Punderdome en spot alle eekhoorns in Central Park. Er zijn een paar momenten die ik toch even wil uitlichten in deze blog, beginnend met de eerste avond: ik bezoek een couchsurfing bijeenkomst, waar we de hele avond worden vermaakt door een Chinese goochelaar in een Cashanova-Opposuite die zichzelf introduceert als Paul the Wizzard. Je verzint het niet. De tweede avond neemt Steph mij en een meisje uit Hongkong mee naar een heel ander tafereel: Dream House is een soort immersieve huiskamerwereld met een zachte vloerbedekking en een constante walm van wierook. Op twee van de muren worden kleurige schilderingen geprojecteerd en uit de stereo komt een onophoudelijke, harde brom die net geen pijn doet aan je oren, maar wel vreselijk irritant is. Iedereen is stoned of doet alsof hij stoned is en ligt een beetje te dweilen op de vloerbedekking. Een stelletje naast me is zo heftig aan het tongen dat ik het gevoel heb dat ik er deel van uitmaak. Er staat ook een fles babypoeder en ik wil niet eens weten waar dat voor dient. Gekkigheid. En dan waarschijnlijk mijn favoriete moment van mijn New York verblijf: Rocky Horror Picture Show! Voor degenen die dit niet kennen (het is niet heel bekend in Nederland, volgens mij): Rocky Horror is een redelijk slechte film uit de jaren ’70. Tijdens de film wordt tegelijkertijd alles ook door acteurs gespeeld voor het scherm: theater en film gecombineerd dus. Daarnaast zitten er in de zaal verschillende mensen van het theater die woordgrappen en opmerkingen roepen door de hele film, waardoor het spektakel een zeer interactief karakter kent. Ik vind het van begin tot eind fantastisch; nog nooit zo’n leuke tijd gehad in een bioscoop! Mocht je dus de kans krijgen ooit: GAAN! 

Dream House
Rocky Horror Picture Show
 

Stephanie is de beste host die ik me maar kan wensen; ze neemt me overal mee naartoe of geeft aanbevelingen en is gewoon een heel leuk mens! Als ze moet werken, ga ik er natuurlijk ook zelf op uit, wat vooral in het begin resulteert in extreem verdwalen in het metronetwerk. De vioolspeler die op een van de perrons zit, speelt heel toepasselijk de melodie van ‘Waarheen leidt de weg?’ Ja, dat vraag ik me ook af inderdaad. Zodra ik dan eindelijk mijn bestemming heb bereikt en weer bovengronds kom, doe ik heel cool alsof ik alles onder controle had en ik wijs 2 Nederlandse vrouwen de weg om me weer beter te voelen over mezelf. Maar ik merk dat ik er steeds beter in word en aan het eind van de week vind ik zonder problemen m’n weg naar Wall Street (oké, ik volg de belangrijk uitziende mannen in pak). Mijn reisje naar New York is natuurlijk niet compleet zonder in ieder geval 1 keer in een tourist trap te zijn gelopen: ik heb mezelf over laten halen op een boot mee te gaan om het Vrijheidsbeeld van dichtbij te zien. Waarom weet ik niet meer. Ik word omringd door ongeduldige toeristen die gehuld zijn in I love NYC merchandise en met selfiesticks zwaaien alsof ze aan majorette doen. De boot vertrekt precies 38 minuten te laat voor de tour. De gids geeft informatie over hetgeen dat we zien, maar praat zo ongeïnteresseerd dat ik het idee krijg dat hij liever van de boot af zou springen. Maar al met al was het wel een mooi boottochtje en heb ik m’n selfiekunsten weer uitgebreid kunnen oefenen. 



Verder ga ik gewoon lekker verder met mijn foodtour in navolging van Boston. ALLES wat je zou willen eten, is te verkrijgen in New York. Ik eet Tibetaans, Maleisisch en Etiopisch en ik denk dat als ik een stamppotje wil, dat ik die ook wel ergens kan scoren. Ongeveer alle locals die ik hier ontmoet geven me hun ongezoute mening over hun favoriete pizzapunt. Het zou natuurlijk onbeleefd zijn om niet alles uit te testen om zelf een overwogen oordeel te kunnen vellen. Dus ik ontbijt ongeveer dagelijks met een ander soort pizza. En het is ook goedkoop! Dat is het mooie van Amerika. Ik vind de porties alles meevallen, zeker bij de foodtrucks, en als ik voor 5 dollar vol zit en ook nog iets mee kan nemen voor de volgende dag, vind ik dat een topdeal! 

Wanneer ik New York in één woord zou moeten omschrijven, kies ik voor ‘overweldigend’. Er is zó veel te doen; als je hier een jaar zou blijven, heb je volgens mij nog niet alles gedaan. Bij dat café kun je op dinsdag- en donderdagavonden gratis salsa en bachata lessen volgen. Bij die bar is vanavond stand-up comedy. Daar is een kunstexpositie. Hier kun je je eigen tas leren maken. Manmanman. En overal zijn altijd wel mensen die hier gebruik van maken. Het doet me een beetje denken aan een festival als Lowlands; hoe klein of onbenullig een kraampje ook is, er zijn altijd wel klanten of mensen die daar rondhangen. Het probleem is ook dat het allemaal leuk is en ik zou alles willen doen, maar het past gewoon niet in m’n week. En dan heb ik het nog niet eens over de voor de hand liggende bezienswaardigheden gehad (Times Square, 9/11 memorial, MET, Empire State Building etc.). Ik merk mede hierdoor dat ik in tweestrijd ben over New York: ik vind het fantastisch, maar ook vermoeiend om niet het overzicht te hebben van wat ik kan doen/zou moeten zien. Het geeft een beetje onrust. Wat ik wel weer heel tof vind, is het straatbeeld. Iedereen kleedt zich zoals hij/zij/genderneutraal wil, er is geen norm en niks is te gek. Sommige mensen zijn intimiderend mooi en stijlvol, anderen zijn bijna lachwekkend, maar daardoor ook weer bewonderingswaardig. Ik merk dat ik zelf ook wat meer op m’n stijl ga letten en probeer wat gekkere combinaties en kleuren uit. Ik heb veel zwart en wit bij me omdat dat makkelijk combineert met alles, maar New York, en ik denk met name Brooklyn en Stephanie, inspireren me iets anders te proberen. Best wel fascinerend hoe snel zoiets kan gaan.

Ondanks mijn wisselende gedachten over deze megastad, ben ik een beetje verdrietig om ‘m alweer achter me te laten. Ik heb per slot van rekening net door hoe de metro werkt en hoe ik de bedelaars en ongewenste muzikanten of prekers het beste kan negeren. Maaarrrr het volgende avontuur doet zich alweer voor: Philadelphia! Ik ben nu toch in de States en ik ben maar 5 dollar voor een 2 uur durende busreis verwijderd van Philly. Waarom niet hè?!

Philadelphia is eigenlijk vanaf het moment dat ik er ben en het hostel vind, fantastisch. Hoewel ik in de bus nog nostalgisch terugdenk aan New York, weet Philly direct mijn aandacht te veroveren. Dit is ook zeker door het fantastische hostel en de staff die daar werkt. Ik zal eerlijk zijn: op een free walking tour van 3 uur na, zie ik in Philly alleen de kroegen en de gemeenschappelijke ruimte van het hostel. En dat is eigenlijk precies wat ik wil na New York. Wat een energie, wat een feestjes! Kers op de taart is wederom een geniale avond in een gay club, waarbij ik mijn ogen weer uitkijk. Wat kunnen die mannen twerken zeg hahaha! Heerlijk! Ik wil graag nog langer blijven, maar op zaterdagnacht is alles volgeboekt, dus ik besluit – met een beetje pijn in m’n hart – de volgende bestemming aan te doen. En niet de minste ook… Maar dat vertel ik de volgende keer wel, want deze blog is wel aan de lange kant al! 

Philly Cheese Steak eten!



Oké doei hè!

2 gedachten over “Empire, eten, eekhoorns & energie

Plaats een reactie