Nederland·Zwitserland

Boemerang, Baby’s, Bergmarathon & Bejajoh

Daar zijn we weer! Terug van weggeweest! Of eigenlijk weg van terug geweest… Na een heerlijke pauze van drie maanden hervatten we maandag weer ons reisjaar. Uiteraard hebben we niet helemaal stilgezeten thuis, dus hierbij een korte uiteenzetting van onze bezigheden de afgelopen tijd.

Na het zonnetje van Mexico achter ons te hebben gelaten, verwelkomen onze hoofden het zonnetje van Nederland. Want, shocker, ook hier is het gewoon hartstikke warm! De eerste weken thuis staan in het teken van hereniging, barbecues, terrasjes pakken, eiersalade eten en, vooropgesteld, genieten van de vrijheid hier! Misschien is iedereen hier in juli dat virusje genaamd ‘Corona’ vergeten, maar wij hebben nooit echt dat ‘bevrijde’ gevoel gehad op reis. Geen mondkapjes meer in het vliegtuig? En ook niet in de trein? Festivals en feesten? Wat is deze fantastische waanzin? Hoewel ze natuurlijk op reis ook niet altijd even streng gehandhaafd werden, waren er toch altijd wel regels. Of moesten we in ieder geval dubbel nagaan of we niet met onze billen het land uit zouden worden gebonjourd als we geen test gedaan hadden. Extra genieten dus nu we zonder reservering weer een terras op kunnen en de schaal van je huisfeestjes alleen nog maar beperkt wordt door het oppervlak van je huis. Of het aantal vrienden dat je hebt.

Over huis gesproken, dat hebben we op het moment dus even niet. Ik verhuur mijn woning in Leiden nog tot het eind van dit jaar onder, dus wonen Jona en ik weer lekker bij onze ouders! Er wordt weer heerlijk voor me gekookt, m’n was wordt zonder te vragen gedaan en ik voel me 100% bezwaard als 30-jarig boemerang kind. En elke keer als ik mijn schuldgevoel probeer uit te spreken naar mijn ouders, zeggen ze, wijs als altijd: ‘jij moet volgend jaar weer aan de bak, geniet er nu maar van’. Oké, oké! Die zijn natuurlijk ook al lang blij dat hun lieve dochter hen weer even komt verblijden met haar aanwezigheid. Hoe lui ze ook zit te zijn.

Strandloop in Noordwijk!

Verder ontmoeten we ons lieve, nieuwste nichtje Jasmijn: één van de grote redenen dat we besloten naar huis te komen voor de zomer. Naast het feit dat we na zes maanden intensief reizen mentaal en fysiek (weet je nog, mijn voeten?) een break nodig hebben, waren Jona’s beide zussen zwanger! Niet alleen was zijn oudere zus dus net bevallen van Jasmijn, ook zijn jongere zusje verwacht in september een kindje. De aankondiging dat er ook een neefje in aantocht is, vond plaats toen we nét in Ecuador waren aangekomen. En hoe dikker de buiken op de foto’s werden, hoe meer we ernaar uitkeken de nieuwe baby’s al eerder te ontmoeten dan met de Kerst. Dat zou toch raar zijn? Zitten er ineens twee onbekende baby’s van zes en drie maanden aan tafel bij de gourmet. Ik bedoel, die oudste gaat dan al praktisch naar school!

Met Jasmijntje

Na een maand lang gezelligheid en luieren, is Jona alweer klaar voor het avontuur. Of in ieder geval, mijn geliefde berggeit had zich iets voorgenomen en dat gaat hij dan ook doen: door de Pyreneeën wandelen, van de Atlantische Oceaan naar de Middellandse Zee; een luttele 850 km. Appeltje, eitje, zou je zeggen. Dus daar gaat hij dan, dit keer alleen, want mij niet bellen, 24 uur lang in de Flixbus naar Spanje. Ik, daarentegen, doe precies niks. Ja, een beetje Sudoku’s maken, vrienden zien, lezen, Sims 4 spelen, trash tv kijken, op verjaardagen gaan, klussen bij Katy en lekker hardlopen. Oprecht had ik verwacht dat we/ik de hele zomer Europa in zou trekken en nog superveel mooie avonturen zou beleven, maar het feit is nu eenmaal dat ik het wel even goed vind. Ik heb er nog aan gedacht onze Ierse vriendinnen op te zoeken, maar na een klein beetje onderzoek blijkt dat Ierland een zeer slecht openbaar vervoer systeem kent én dat zij allebei in de middle of nowhere wonen, wat het in m’n eentje zonder auto erg onhandig maakt. Zeker als ze dan ook nog moeten werken. Het is ongelofelijk hoe snel je weer vervalt in oude beperkende denkwijzen. Aan de andere kant van de wereld lijkt Europa zo klein en makkelijk bereisbaar, maar als je dan vervolgens met je blije bakkes naar Parijs besluit te rijden en eerst 67 uur in de file staat bij Rotterdam, Antwerpen én Brussel, ben je gewoon weer van een koude kermis thuisgekomen. Maar goed, ik vind het ook gewoon wel even lekker zo! In de herfst loert er nieuw avontuur aan de horizon en tot die tijd leef ik in het heden, ofwel in mijn zelfgebouwde huis in The Sims. Wanneer gun je jezelf nog de tijd voor zulk vermaak?

Eten met Celine
3 lagen behang afstomen bij Katy
Poldertocht wandelen met Roos en Marleen
Alleen maar winnaars

‘Het is 37 graden en ik heb net water uit een koeientrog gehaald… Mag ik al naar huis?’ Het is dag drie van Jona’s Pyreneeën-avontuur wanneer ik dit wanhopige appje ontvang. Wat een ellende… Jona had wel verwacht dat het warm was in de zomer, maar in de bergen zou dat toch mee moeten vallen? Waar hij even geen rekening mee had gehouden, was dat je start op zeeniveau. En zeeniveau is ZWETEN geblazen in augustus. Nu gaat hij toch al snel in vlammen op als het wat aan de warme kant is, dus ik kan me wel een beetje voorstellen hoe hij er nu bij loopt. Bovendien is er nauwelijks water beschikbaar (vandaar de koeientrog, blughhhh), dus zijn z’n dagen, waarin hij van waterbron naar waterbron loopt, ook nog eens langer dan gedacht. ‘Nee, je moet het wel een kans geven… tenzij je het echt niet meer leuk vindt’, typ ik terug. Nee, dat is niet gemeen, dat is eigenbelang, want straks zit ik met een zuur vriendje die te snel naar huis is gekomen. ‘Nee, ik blijf nog wel even hoor’, appt hij terug. Ik vind het allemaal maar knap, want het klinkt echt vreselijk. Gelukkig komt hij na een aantal dagen wel in hoger gebied en wordt het wat aangenamer voor hem. Dit is waar hij het voor deed natuurlijk: die verdraaid mooie bergen. Nog een week later is het weer omgeslagen en komen er nieuwe meldingen van het front binnen over regen, hagel en zoveel bliksemflitsen dat het niet donker is geweest die nacht. Het is mooi geweest, hij komt eraan. Hij is zelfs bereid om te betalen voor de trein in plaats van weer een bus van 24 uur, zo graag wil hij naar huis. Dus een kleine negen uur later zijn we na bijna twee weken en 240 km wandelen weer herenigd. Ik ben nog steeds trots hoor!

Foto van het front
Maar was ook wel heel mooi

Nu hij weer thuis is, kan Jona met een gerust hart nog wat langer trainen voor de Jungfrau marathon, die hij in september met mijn vader in Zwitserland gaat lopen. Je zult een keertje stilzitten hè 😉 Ik ben overigens ook op hardloopgebied uitgedaagd door Katy om aan de Dam tot Dam loop mee te doen dit jaar. 16 km, hallelujah! Ik heb één keer eerder 17 km gelopen, maar dat was alleen omdat ik verdwaald was in Voorschoten. Dus dat wordt flink trainen! Maar, eerst op naar Zwitserland.

Samen met mijn ouders en hun elektrische spacemobiel vertrekken we op woensdagochtend richting Duitsland, waar we een nachtje verblijven om de auto op te laden. Dat geeft precies genoeg tijd voor een echte Duitse schnitzel en een halve liter bier. Ik was nog nooit in Zwitserland geweest (sterker nog, ik was nog nooit in de Alpen geweest!), dus ik kijk mijn ogen uit als we langs het prachtige meer van Interlaken rijden en de bergen om ons heen zien verschijnen. Wauwie! Mijn ouders checken in bij een appartement dat ze al een jaar geleden via Airbnb hebben geboekt en omdat ons bezoek een wat spontaner karakter heeft, melden Jona en ik ons bij het hostel aan de overkant van de straat. Onze kamer delen we met twee anderen en is mini, maar prima en we komen erachter dat we over een heerlijk dakterras beschikken. Zonnetje op de bol en genieten van het uitzicht op de helderblauwe gletsjerrivier. Het mooiste van dit hostel is echter dat we gebruik mogen maken van het ontbijtbuffet van het naastgelegen hotel. HOLY WAT EEN LUXE! Ik krijg ‘s ochtends normaal gesproken niet zoveel weg, maar voor dit glorieuze assortiment, rek ik m’n maag graag een beetje op.

Twee dagen later is het zover: de Jungfrau marathon! ‘s Ochtends vroeg worden Jona en m’n vader bij de start verwacht, en mijn moeder en ik dus ook. We hebben gisteren al vooronderzoek gedaan naar de route van de marathon om te zien waar wij twee moeten staan voor ons onvoorwaardelijke support voor die gekke mannen. Dat is nog een soort van logistiek ingewikkeld, want we moeten met de trein omhoog, samen met nog honderden supporters. Maar na ons eerste geschreeuw bij de start en een tweede kreet bij het station, stappen we zonder al te veel problemen in de trein naar Lauterbrunnen, waar we gisteren onze ideale juichplek al hebben bepaald. Daar bereiken de hardlopers het halve marathon punt en moeten ze na een lusje vlak lopen, beginnen aan de hoogtemeters. JA, DAN MOET HET ERGSTE DUS NOG KOMEN. M’n vader komt als eerste voorbij en Jona volgt een paar minuten later. Ze zien er allebei nog redelijk fit uit, maar ik denk alleen maar aan die godvergeten muur van Wengen waar ze nu naartoe gaan. Die is zo steil dat iedereen daar moet wandelen, want hardlopen gaat gewoon niet meer. Van mijn moeder en mij wordt ook verwacht dat wij daar weer aan de zijlijn staan te brullen, maar in plaats daarvan staan wij met de rest van de gezelligheid in de rij voor de trein. Hoewel we niet mee mogen met de trein die we beoogd hadden, is alles op zijn Zwitsers tot in de puntjes geregeld en leggen we ons maar neer bij het feit dat we direct naar het eindpunt moeten gaan: de Eigergletsjer. Je zou toch zeggen dat wij het met de trein sneller zouden doen dan de lopers op hun eigenste benen, maar dat valt dus allemaal niet mee. We zijn nét op tijd bij de finish om m’n vader binnen te zien dribbelen na 4.36 uur. Ik noem het ‘dribbelen’ want de finish is zeer onpraktisch gelegen op een helling; iedereen hobbelt de laatste 100 meter als een zielig hoopje mens met de handen op de bovenbenen om de kramp eruit te duwen. Niet zo representatief voor de bizar knappe tocht die ze hebben afgelegd, maar desalniettemin zijn we hartstikke trots! Jona finisht in 4.52 uur en ik zie tranen in z’n ogen. Hij legt zijn hoofd op mijn schouder en ik vraag: ‘huil je van geluk of van de pijn?’ – ‘Allebei’.

De Eigergletsjer is tijdens de finish omarmd door een koude, grijzige wolk, dus helaas hebben we geen uitzicht en gaan we snel met de kabelbaan naar beneden, via Grindelwald terug naar Interlaken. ‘s Avonds gaan we nog uit eten met twee vrienden van m’n vader die ook hebben gelopen en dan zit ons bezoek aan Zwitserland er weer op. We zouden graag langer zijn gebleven, maar om daar nu een hypotheek voor af te sluiten, leek ons niet verstandig.

Mocht je je afvragen hoe het de mannen in de dagen erna verging? Och, een beetje stijf, maar niet vervelend. Zodanig niet vervelend, dat m’n vader precies een week later alweer de kermismarathon loopt (en tweede wordt!) en Jona meedoet met één van de estafette teams. Bizar. Ik mag de dag erna aan de bak en laat dat nu precies de natste dag van het jaar zijn, en blijkbaar de koudste 18 september in jaren. We lopen alle 16 kilometers van Amsterdam tot Zaandam in de zeikregen, met een extra hoosbui op de 13 km, gewoon voor de leuk. De organisatie staat voor de vorm klaar met natte sponzen, maar gek genoeg neemt niemand die aan. Katy heeft al vaker de Dam tot Dam gelopen en vertelde me al over de sfeer langs de zijlijn. Ondanks de regen staan er toch hier en daar partytenten en wordt je naam geroepen door volslagen vreemdelingen (het duurde even voor ik besefte dat die op m’n startnummer staat). Zodra we in Zaandam komen, is het echt feest en de laatste twee km besluit ik nog even te knallen. Wat een adrenaline! Ik ben super tevreden met mijn tijd van 1.34 uur! Het biertje erna op het winnaarsterrein is wat verregend en kil, dus gaan we maar snel door naar de Veen. Het is tenslotte ook nog Kroegentocht!

Zeiknat bij de start
Zeiknat bij de finish

Ah, vanouds Veense Kermis vieren hebben we toch allemaal weer gemist. Ik heb zo hard geschreeuwd, meegezongen, gedanst en m’n weerstand (samen met m’n verstand) blijkbaar op nul gezet, want een dag na de kermis heb ik het dan hoor… Covid. Voor het eerst! Bejajoh! Gelukkig heb ik behalve hoofdpijn, een zere strot (die ik eerst weet aan het meezingen) en een berg slijm, weinig last. Nou ja, als ik het dan heb, dan maar nu: na de kermis en nog ruim voor we weer weggaan. WANT, zoals ik aan het begin van deze (ellenlange) blog liet doorschemeren, WE GAAN WEER WEG! Alsof we het hadden afgesproken, wordt ook ons neefje Noek mooi op tijd geboren op 28 september! Na uit m’n isolatie te zijn gekropen, mag ik hem ook ontmoeten. Wat een heerlijk ventje!

En met Noek is ons lijstje compleet! Alles wat we wilden doen met onze tijd thuis hebben we gedaan. Jasmijn en Noek hebben we welkom geheten (+ nog 4 baby’s van vrienden!). We hebben zoveel tijd met onze ouders doorgebracht, dat ze ons nog nauwelijks zullen missen de komende maanden. En bovendien hebben we weer volop energie voor het volgende deel van onze reis! Dus… tromgeroffel… we gaan naar… NEPAL! Jona is er misschien al drie keer geweest, maar hij houdt maar niet op over het lekkere eten en de schitterende bergen daar, dus hij is mijn gids. Super veel zin om weer te vertrekken! En leuk dat je weer meeleest met onze avonturen! 😉

2 gedachten over “Boemerang, Baby’s, Bergmarathon & Bejajoh

  1. Zoals altijd weer met heel veel plezier gelezen. Wat een mooie ervaringen en prachtige fotos weer! Lieve Wendy en Jona. Geniet ervan en we zien elkaar eind van het jaar! kussss
    Tantie, Gina & Widhata.

    Like

Plaats een reactie